Wetswijzigingen Wet WOZ


In verband met de wijziging van de Wet waardering onroerende zaken in verband met een verruiming van de openbaarheid van de WOZ-waarde en enkele technische aanpassingen (en daarmee logischerwijs samenhangend natuurlijk de proceskostenvergoeding) hebben de fracties van de VVD, PVDA, PVV, SP, D66 en ChristenUnie allerhande vragen en opmerkingen gesteld. Deze vragen lopen uiteen van “In hoeverre geldt de korting op de WOZ als uit de flat huurinkomsten voortkomen?” tot “Met de regering maken de leden van de fractie van de SP zich zorgen over de toenemende uitvoeringskosten voor gemeenten door de opkomst van «no cure no pay bureaus». Zij kijken uit naar de voorstellen van de minister van Veiligheid en Justitie op dit vlak. Wanneer kunnen zij die tegemoet zien?”.

De fractie van de ChristenUnie zegt echter iets wat mijn interesse wekt, namelijk: “[…] Zij zijn van mening dat de proceskostenvergoeding inderdaad op een redelijk niveau moet liggen. Zij constateren echter ook dat dit instrument een «disciplinerende werking» heeft voor gemeenten. Het is een stok achter de deur die gemeenten stimuleert om de Wet WOZ op een goede manier uit te voeren. Gemeenten hebben er een belang bij om te voorkomen dat ze een proceskostenvergoeding moeten betalen.

De vraag die dan ook kan rijzen is of gemeenten, wanneer de proceskostenvergoeding ‘aan banden wordt gelegd’, nog wel gestimuleerd worden om haar werkzaamheden op een goede in plaats van voldoende wijze uit te voeren, dit aangezien een groot gedeelte van de disciplinerende werking hierdoor wellicht verloren gaat. Als burger wordt u in ieder geval voldoende geprikkeld om bijvoorbeeld uw rijgedrag te beïnvloeden. Jaarlijks worden de bedragen van verkeersboetes opgehoogd zodat u bij een volgende autorit gestimuleerd wordt geen overtredingen te begaan.

Wat wij van WOZ-specialisten in de praktijk merken is dat gemeenten in veel gevallen, wanneer belanghebbenden zelf bezwaar maken, niet meegaan in het gestelde, maar dat gemeenten, op het moment dat wij onszelf als gemachtigde ermee gaan ‘bemoeien’, ineens wel vaak bereid zijn tot overleg. Is dit toeval of heeft dit wellicht toch iets te maken met de hiervoor genoemde ‘disciplinerende werking’. Wij van WOZ-specialisten kunnen ons, op basis van hetgeen wij in de praktijk meemaken, dan ook niet onttrekken aan de gedachte dat de ‘verplichte te betalen proceskostenvergoeding’ gemeenten beweegt tot het nemen van beslissingen welke zij, zonder deze verplichting, wellicht niet dan wel op een andere wijze hadden genomen.

Het gehele verslag van de Tweede Kamer vindt u hier.

Auteur mr. M. (Marieke) Hasselman  


comments powered by Disqus