Onderhoud telt zwaar mee bij huidige WOZ-taxaties


Het is weer zover. Deze maand ploft bij 7 miljoen Nederlandse huishoudens weer de jaarlijkse WOZ-beschikking op de mat. Hierop staat de WOZ-waarde van de eigen woning vermeld, die bepalend is voor de aanslag onroerendezaakbelasting (OZB) die gemeenten heffen van woningeigenaren. Dit jaar zijn de WOZ-waarden gemiddeld 3,6 procent lager dan vorig jaar. Wie al een aanslag heeft gekregen kan zien dat sommige beschikkingen nu met zelfs 20 procent zijn gedaald, zoals soms in Rotterdam.


De WOZ-waarde wordt jaarlijks vastgesteld door taxateurs van de gemeente. Omdat door de huidige woningmarkt het ene segment huizen veel meer te lijden heeft onder de lagere verkoopprijzen dan het andere, is het taxeren er niet makkelijker op geworden. Ruud Kathmann van de Waarderingskamer, de toezichthouder op de WOZ, moet controleren of burgers niet de dupe worden van al te oppervlakkige taxaties. Kathmann: “Als de woningmarkt met 10 of 15 procent is gedaald, kun je niet zomaar alle huizen met diezelfde percentages lager gaan waarderen. Zo wordt in de huidige markt de staat van het onderhoud steeds belangrijker voor de prijs. Een paar jaar geleden lieten kopers het achterstallig onderhoud zelf wel opknappen, ze leenden daar extra geld voor. Maar nu krijgen ze dat niet meer gefinancierd.”


Voor een betrouwbare taxatie moet je dus de kwaliteit en de onderhoudstoestand van de woning kennen, zegt Kathmann. “Maar die informatie hebben gemeenten niet altijd goed in hun administratie staan. Ze baseren hun waarderingen op gegevens van het Kadaster, vergunningen, luchtfoto’s, andere foto’s et cetera. Heeft je huis achterstallig onderhoud of woon je in een heel duur pand en heeft de gemeente daar onvoldoende rekening mee gehouden, dan kun je bezwaar maken.”

bron: Metro

comments powered by Disqus