Vervang de WOZ door een grondwaardebelasting


Bruno de Haas

Vorig jaar heb ik voor het eerst bezwaar gemaakt tegen de vastgestelde WOZ-waarde van onze woning. Met mij greep ruim 2% van de Nederlanders naar dit droevige middel om een belastingverhoging te voorkomen. Omdat de WOZ zowel doorwerkt in de belasting aan gemeente en waterschap, als in de inkomstenbelasting - via het eigenwoningforfait dat het voordeel van de hypotheekrenteaftrek beperkt - kan verzet lonen.

Kán, want slechts een enkeling heeft succes bij het aanvechten van de WOZ-beschikking. Daarvoor moet je wel bereid zijn tot de rechter door te vechten. De meeste mensen die bezwaar maken krijgen nul op het rekest. In 2000 maakte 8% van de mensen bezwaar, maar het enthousiasme nam af toen duidelijk werd dat je met evenveel succes kunt proberen om met blote vuist een muur neer te beuken. Tegen beter weten in maakte ik bezwaar. Inderdaad, kansloze missie.

Voordat Nederland de Wet Waardering Onroerende Zaken kende, dat wil zeggen voor 1994, mochten belastingplichtigen bij aangiften zelf de waarde van hun woning opgeven.

Ik kan me dat niet herinneren, ik leefde toen nog als gelukkige scheefhuurder, maar ik kan me voorstellen dat belastingplichtigen geneigd waren die waarde naar beneden af te ronden, dat sommige belastingplichtigen dat brutaler deden dan anderen, kortom dat het tot een vrij willekeurige belastingheffing leidde.

Als je de taxatie in handen legt van de gemeente wordt de heffing minder willekeurig doordat er nu eenmaal minder gemeenten dan burgers zijn. Anders dan burgers zullen gemeenten de neiging hebben om de taxatiewaarde naar boven af te ronden. Gemeenten zijn net mensen.

Om de indruk van willekeur te vermijden schakelen gemeenten taxateurs in die van elk huis een fotootje maken, op zoek gaan naar verkoopprijzen in jaartallen die niet te ver afwijken van het huidige jaartal voor woningen die met enige fantasie vergelijkbaar zijn. Volgens mij valt er nuttiger werk te doen in de samenleving, al moet ik zeggen dat de taxateurs in onze gemeente steeds enthousiaster raken. Onze referentiewoningen worden steeds mooier.

Los van de willekeur en van de administratieve en juridische rompslomp die de WOZ-waarde met zich meebrengt, is de vraag waarom de waarde van een woning een logische grondslag is voor belastingheffing. Waarom moet iemand die zijn woning renoveert of restaureert, na aanvraag van een vergunning vanzelfsprekend, meer belasting betalen dan iemand die zijn woning laat verkrotten? Je maakt mij niet wijs dat de eerste eigenaar meer profijt heeft van de publieke voorzieningen dan de tweede.

Eén van de talrijke politiek-economische stromingen is het geoïsme, oorspronkelijk georgisme naar de Amerikaanse econoom Henry George. Uitgangspunt van George was dat natuurlijke hulpbronnen, inclusief grond, aan de mensheid als geheel toebehoren. Daar kun je weinig tegenin brengen, ook al wekken hekjes, schuttingen en prikkeldraad de indruk dat de grond 'van ons' is. Daarentegen zijn woningen en bedrijven, de vrucht van iemands inspanning. Daarvan kun je met recht zeggen dat het iemands eigendom is.

Geoïsten zijn daarom voorstander van een grondwaardebelasting: een belasting over de waarde van onbewerkte grond die alleen afhangt van de plek en de omgeving waar iemand woont.

De onbewerkte grondwaarde klinkt als een veel logischer basis voor gemeentebelastingen. Het handhaaft het draagkrachtprincipe van de WOZ-waarde. Mensen in duurdere huizen bewonen gewoonlijk een groot perceel of ze zitten op een gewilder plekje. Tegelijkertijd is de bepaling van grondwaarde veel eenvoudiger dan van een huis. De postcode zegt genoeg. Een grondwaardebelasting bespaart taxateurs, advocaten en ergernis. Geoïsten aller gemeenten, verenigt u.

Bruno de Haas is hoofd Beleid en Onderzoek bij Media Pensioen Diensten.

Waarom betaalt iemand die zijn huis opknapt nu meer belasting dan iemand die het laat verkrotten.

bron : FD



comments powered by Disqus