Bij belastingaangifte geen potlood en gum meer


De tijd dat in deze periode van het jaar miljoenen aangiftebiljetten de brievenbussen vulden ligt achter ons. De laatste jaren ging het al steeds meer om een zogenoemde Aangiftebrief, een A4-tje waarop de fiscus u uitnodigt om elektronisch aangifte te doen met het aangifteprogramma van de Belastingdienst. Dit jaar gaat de fiscus weer een stapje verder.

Vrijwel niemand krijgt meer automatisch een aangiftebiljet toegestuurd. Het E-biljet, T-biljet en Tj-biljet zijn zelfs geheel afgeschaft. Het papieren P-biljet bestaat nog wel, maar wordt alleen nog automatisch toegezonden als u 65 jaar of ouder bent en u over het belastingjaar 2009 nog aangifte hebt gedaan met een P- of E-biljet. Dat is de groep die ongetwijfeld nog herinneringen heeft aan de tijd dat de aangifte met behulp van potlood en gum werd ingevuld. Maar dat gaat dus echt verleden tijd worden.
Papieren aangifte wordt steeds meer ontmoedigd

De Belastingdienst kent voor particulieren dit jaar nog maar één papieren aangiftebiljet en dat is het erg uitgebreide P-biljet. Als u jonger dan 65 jaar bent krijgt u een brief toegestuurd, waarin u wordt uitgenodigd aangifte te doen via het aangifteprogramma van de Belastingdienst. U kunt echter nog steeds volharden in de papieren aangifte, die u dan zelf moet aanvragen, maar dan bent u dus aangewezen op het P-biljet.
­
Dat biljet kent niet minder dan 24 in te vullen aangiftebladen en dan hebt u uiteindelijk nog geen inkomen berekend (u levert slechts de informatie); de toelichting zal al snel het dubbele aantal bladen overschrijden. Een enorm pakket dat u alleen al vanwege de papierverspilling beter niet kunt aanvragen.
­
Bovendien geeft de elektronische aangifte veel meer mogelijkheden en ook meer informatie. Daarnaast wordt u daarmee niet meer geconfronteerd met al die vragen die niet op u van toepassing zijn. En het aangifteprogramma berekent automatisch het inkomen en het bedrag dat u aan belasting moet betalen of terugkrijgt. Dat heeft grote voordelen, bijvoorbeeld om als fiscale partners een gunstige verdeling van de aftrekposten te bewerkstelligen. Daar hoeft geen rekenwerk, laat staan potlood en gum, meer aan te pas te komen.
De aftrekposten gunstig verdelen

Fiscale partners kunnen bepaalde aftrekposten geheel vrij verdelen. Dat geldt bijvoorbeeld niet alleen voor de hypotheekrente, de giften, de ziektekosten en andere specifieke zorgkosten, maar bijvoorbeeld ook voor alimentatiebetalingen. Dat kan een groot verschil uitmaken als de ene partner in een belangrijk hoger tarief valt dan de ander. De aftrekpost kan bij toerekening aan de meestverdiener een (veel) hoger belastingvoordeel opleveren.
­
Maar soms kan ook toerekening aan de minstverdiener juist gunstiger uitpakken, bijvoorbeeld als deze in het gewone schijventarief valt en de meestverdiener in het lagere tarief voor 65-plussers.
­
Schuiven met de verdeling van de aftrekposten kan dus mogelijkheden tot belastingbesparing bieden. Het resultaat kunt u altijd direct aflezen bij het volgen van het aangifteprogramma.

Kortom een warme aanbeveling aan de diehards om toch ook maar eens over te schakelen naar het elektronische aangifteprogramma.
­
U bent overigens niet verplicht het aangifteprogramma van de Belastingdienst te gebruiken. U mag ook een ander commercieel aangifteprogramma gebruiken; deze zijn door de Belastingdienst gecontroleerd en zijn op dezelfde wijze beveiligd. Voor de particuliere markt worden het er echter steeds minder omdat het voor uitgevers vrijwel ondoenlijk is om te concurreren met het gratis programma van de Belastingdienst.
Ondanks het gemak kritisch blijven

Met een beetje geduld wordt het allemaal nog makkelijker gemaakt. Als u het aangifteprogramma namelijk pas na 1 maart 2011 installeert dan is het tevens mogelijk eigen gegevens op te halen en over te nemen in de aangifte. Het gaat voor 2010 om de loon- en WOZ-gegevens, het bedrag van de voorlopige teruggaaf/voorlopige aanslag, scholingsuitgaven (aan de hand van gegevens studiefinanciering) en een aantal heffingskortingen.
­
In de toekomst zullen er nog meer gegevens vooraf worden ingevuld, ook bijvoorbeeld de bankschulden. Daartoe zijn eind 2010 al aanvullende regels opgenomen op basis waarvan onder meer banken, financiële instellingen en verzekeraars vanaf 2011 gegevens moeten gaan verstrekken.
­
U hoeft de vooraf ingevulde gegevens alleen maar te controleren en zonodig aan te vullen of te verbeteren. Ook de commerciële aangifteprogramma’s bieden de mogelijkheid om die gegevens op te halen.
­
De Belastingdienst lijkt het dus, zoals hij vaak belooft, steeds makkelijker te maken. Maar er schuilt wel een adder onder het gras. De verschuldigde belasting wordt nog steeds bepaald aan de hand van de fiscale regels en die zijn er de laatste tijd bepaald niet gemakkelijker op geworden. Die zijn nog steeds ingewikkeld of mogelijk nog ingewikkelder dan ooit. Denk bijvoorbeeld eens aan de toerekening van de bankschulden aan de eigen woning respectievelijk box 3. Op welk plekje gaat die schuld straks neerslaan bij de vooraf ingevulde aangifte?
­
Bij al het gemak van de elektronische aangifte moet u daarom toch zeker zo kritisch blijven als bij de oude handmatig ingevulde aangifte.

bron : Plein +
comments powered by Disqus