Gemeenten rekenen 200 miljoen teveel aan ozb


Door vast te houden aan een rigide macronorm voor de beheersing van de onroerende zaakbelasting (OZB), hebben gemeenten de afgelopen jaren veel meer belasting kunnen innen dan gerechtvaardigd was. Alleen hierdoor betalen eigenwoningbezitters, eigenaren van bedrijfspanden en woningcorporaties in 2011 zo'n 200 miljoen teveel aan ozb. Dit stelt Vereniging Eigen Huis op basis van haar jaarlijkse onderzoek naar de ontwikkeling van de gemeentelijke woonlasten.


De macronorm, die de groei van de gemeentelijke ozb moet beheersen, is vier jaar geleden gebaseerd op de toenmalige verwachting van 2 procent economische groei per jaar. Omdat de macronorm nooit naar beneden is bijgesteld in verband met de opgetreden economische krimp, kregen gemeenten jaar op jaar meer ruimte om hun ozb opbrengsten te vergroten. Veel gemeenten hebben van deze ruimere mogelijkheid gebruik gemaakt. Vooral in 2009 was het verschil opmerkelijk: toen was door de economische krimp een daling van de gemeentelijk OZB inkomsten van 2,7 procent gerechtvaardigd, maar kon deze belasting door de falende norm met 4,7 procent probleemloos blijven doorstijgen.

Schijnwerkelijkheid
Doordat gemeenten en het rijk zijn blijven vasthouden aan een schijnwerkelijkheid van economische groei heeft de macronorm zichzelf gediskwalificeerd. De norm moet daarom dringend worden vervangen door een maximering van de jaarlijkse stijging van de ozb-tarieven, vindt Vereniging Eigen Huis. De conclusie dat de ozb-opbrengsten binnen de marges van de macronorm zijn gebleven, zoals onlangs bij de evaluatie van de macronorm door het Ministerie van Binnenlandse Zaken werd vastgesteld, gaat dan ook volkomen voorbij aan de economische realiteit.

Beperkte stijging
Vereniging Eigen Huis onderzocht in een representatieve steekproef de woonlasten in 103 gemeenten. In ruim 75 procent van de onderzochte gemeenten stijgen de woonlasten, terwijl de lasten in 22 procent van de gemeenten dalen. De totale gemeentelijke woonlasten stijgen volgend jaar beperkt. Gezinnen gaan gemiddeld 1,7 procent meer betalen en alleenstaanden 1,9 procent. De onroerende zaakbelasting (ozb) gaat gemiddeld iets meer dan 3 procent omhoog, de rioolrechten stijgen met een kleine 5 procent terwijl de afvalstoffenheffing met ruim 1 procent daalt.

Rioolrecht
Uit de steekproef van Vereniging Eigen Huis blijkt dat het rioolrecht volgend jaar met gemiddeld zo'n 5 procent stijgt. Gemiddeld gaan gezinnen 187 euro en alleenstaanden 168 euro betalen. Deze stijging is opmerkelijk omdat de Stichting Rioned nog vorige week aangaf dat de rioolheffing vanaf 2011 jaarlijks nog maar met 2,9 procent omhoog zou gaan. Met een gemiddelde heffing van 165 euro zouden gemeenten, volgens Rioned, 97 procent van de rioolkosten dekken. Met het rioolrecht mogen gemeenten wel de te maken kosten voor afvalwater, regenwater en grondwater op inwoners verhalen, maar er mag geen winst worden gemaakt. De rioleringskosten bedragen in 2010 voor heel Nederland 1,3 miljard euro.

Dalende woningwaarde
Het netto bedrag dat huiseigenaren aan onroerende zaakbelasting (ozb) betalen stijgt volgend jaar met gemiddeld 3 procent. De gemiddelde woningwaarde (WOZ) daalt met 2,9 procent. Een gemeente die de ozb-opbrengst op gelijk niveau wil houden, zal een dalende woningwaarde compenseren met een hoger belastingtarief. Bovenop deze WOZ-compensatie komt een extra tariefstijging die resulteert in een 3 procent hogere ozb-aanslag. Voor veel huiseigenaren is het moeilijk te verteren als de gemeente de ozb laat stijgen terwijl het in het gezin vaak draait om bezuinigen. Bij de betreffende gemeenten ligt daarom een zware verantwoordingsplicht over de soms forse ozb lastenverzwaring.

Uitschieters
Ook dit jaar zijn er weer enkele opvallende uitschieters. De grootste ozb-stijgingen komen voor in de gemeenten Koggenland (NH, + 27,8 procent) en Bunschoten (Ut, + 25,8 procent). In Bunschoten gaat de gemiddelde ozb-aanslag omhoog van 175 naar 221 euro, een stijging van bijna 26 procent. Gemiddeld bedraagt de ozb 231 euro. De tien volgende gemeenten waar de ozb aanslag sterk stijgt zijn Waalre (NB, +15,8 procent), Terschelling (+ 11,8 procent), Rhenen (Ut, +11,5 procent), Midden Delfland ((ZH, +10,5 procent), Boxmeer (NB, +10 procent), Wijdemeren (NH, +9,5 procent), Oudewater (Ut, +9,2 procent), Asten (NB, +9,1 procent), Groningen (+ 9 procent) en Montferland (Gld, +9 procent).

De grootste daling van de ozb wordt gemeten in de Zuid-Hollandse gemeente Westvoorne. Hier daalt de gemiddelde aanslag met 37,50 euro (van 296 naar 258 euro, een daling van 12,7 procent) De vijf volgende gemeenten die de ozb-tarieven verlagen zijn Enkhuizen (NH, - 11,8 procent), Hilversum (NH, -6,7 procent), Arnhem (Gld, -1,8 procent), Aa en Hunze (Dr, -1,2 procent) en Oegstgeest (ZH, -0,9 procent).

bron : Inoverheid

comments powered by Disqus